Een brief uit het hart: De lijdensweg van een patiënt en haar nabestaande, ongekend door @Franciscuszorg

Op een dag in 1205 rijdt Franciscus op zijn paard in de buurt van Assisi. Dan ziet hij een melaatse aankomen. Normaal zou hij hard weggereden zijn, maar nu stapt Franciscus van zijn paard af. Hij loopt naar de melaatse en kust zijn half weggerotte hand. Het maakt hem erg gelukkig en hij gaat zelf daarna ook geregeld melaatsen verzorgen. Deze gebeurtenis maakt grote indruk op Franciscus. Hij beschrijft het in zijn Testament. Vanaf dat moment zal Franciscus altijd partij kiezen voor de zwakkeren en verdrukten in de maatschappij.

Helaas is Fransiscus Gasthuis & Vlietland niet zo barmhartig voor de kwetsbare mens. Komt niet op voor de zwakkere en heeft geen empathie voor een door het verlies van een moeder verdrukte zoon die onderstaande open brief aan het Fransiscus Gasthuis schreef.

Ik roep eenieder op deze brief zo ruim mogelijk te delen en over deze behandeling maatschappelijke discussie en gewaarwording te creëren, opdat degenen die dit verschrikkelijke verlies lijden, rechtvaardigheid in de toekomst tegemoet kunnen zien.

Deze blog plaatst deze brief uit solidariteit met Kevin en zijn familie, in de hoop dat dit het ziekenhuis beweegt de onzekerheden weg te nemen, duidelijkheid te verschaffen die zo hard nodig is en rechtvaardiging te verschaffen aan hen die zo hard getroffen zijn, een jongen, die vecht, ter nagedachtenis van zijn moeder.

 

De brief van Kevin

 

t.a.v. Raad van Bestuur Franciscus
Vlietland Ziekenhuis
t.a.v. Dhr. *******
t.a.v. Dhr. *******
t.a.v. Mevr. *******
t.a.v. Mevr. *******
t.a.v. Mevr. *******
t.a.v. Mevr. *******
Vlietlandplein 2
3118JH Schiedam

Betreft: de lijdensweg van een patient en haar nabestaande

Mierlo, 18 Juli 2017

Beste heer / mevrouw,

Ik schrijf u deze brief, omdat ik u graag op de hoogte wil stellen van mijn gedachtes, van mijn situatie, van mijn lijdensweg. Want ja, een lijdensweg mag ik het wel noemen. Ik neem u mee op een reis die ‘de patiënt en de nabestaande’ heet. Ik hoop dat u de moeite neemt en het respect kan vinden om elk woord te lezen in deze brief, en om diezelfde woorden vervolgens nog eens te herlezen. Laat hier vooral de innerlijke mens in u eens spreken, tijdens het lezen van deze brief hoop ik dat u zich eens kan verplaatsen in een ander. Eens niet aan het commerciële einde denkt, en dat u al helemaal niet in problemen gaat denken. 

In deze brief, en in dit verhaal is het niet de bedoeling met een wijzende vinger naar een persoon te wijzen of om iemand af te kraken. Het is enkel bedoeld om de zienswijze van een patient en haar nabestaande met u te delen. Met een kritische blik, dat wel. Wel is deze brief, en dit verhaal een wijzende vinger richting het algehele Vlietland Ziekenhuis te Schiedam. Ik hoop van harte dat mijn brief en mijn verhaal wat los kan maken binnen het ziekenhuis, dat er een serieuze reactie komt en dat het zal worden meegenomen in het algehele beleid van het ziekenhuis. De ervaringen die wij hebben gehad, kan en mag niet meer voorkomen. Kort gezegd, bedenk na het lezen of u dit uw eigen naasten zou aandoen. Ik denk het niet.

Voordat ik begin aan mijn verhaal zal ik u de hoofdpersonen in mijn verhaal voorstellen.

De oogarts: Mevr. *******
De longarts: Mevr. *******
De internist: Dhr. *******
De cardioloog: Dhr. *******
De cliëntvertrouwenspersoon: Mevr. *******
Klachtenfunctionaris: Mevr. *******
De patiënt, mijn moeder: Mevr. van Baar van Slangenburgh
Schrijver van dit verhaal, tevens zoon van de zogenoemde patiënt: Dhr. Erken

Mijn verhaal begon medio begin 2013. Mijn moeder zat op een regenachtige zondagmiddag televisie te kijken toen de reclame van Specsavers langskwam over een gratis netvliescheck. Mijn moeder had al langere tijd een plekje in haar zicht en het leek haar dan ook een goed idee om eens langs te gaan, wat kan het kwaad he? Uit de netvliescheck kwam het advies dat mijn moeder zich moest gaan melden bij een oogarts, want er was een te hoog cholesterol gemeten in haar oog. Ook was er te zien dat er een bloedvat volledig zonder bloed was komen te zitten. Zo gezegd zo gedaan, we gingen naar het Vlietland Ziekenhuis te Schiedam, met de doorverwijzing van de opticien. 

De toegewezen oogarts werd mevrouw *******. Over mevrouw ******* wil ik in dit verhaal / deze brief niks meer dan lof spreken. Dit is een vrouw die haar vak begrepen heeft en dit met respect en beleid uitvoert. Mevrouw ******* is van het begin tot het eind een arts geweest die enorm begaan was met de algehele situatie. We hebben zelfs na afloop van de behandeling nog een doosje Merci langsgebracht bij deze arts.

Omdat er een verhoogde bloeddruk en een verhoogd cholesterol gemeten was is mijn moeder doorverwezen naar de vasculair internist. Hier kwam Dhr. ******* in beeld. Bij Dhr. ******* kwam mijn moeder in het begin aardig vaak. Hier onderging zij onder andere gewichts onderzoeken en bloedonderzoeken. Ook heeft Dhr. ******* toen der tijd besloten mijn moeder te laten starten met het gebruik van Metformine, dit omdat er ook ouderdomsdiabetes was gemeten. Mijn moeder kwam nog regelmatig terug bij Dhr. ******* om onderzoeken te ondergaan om de status van haar diabetes en cholesterol te meten.

Op 22 mei 2013 begon mijn verhaal waar het in dit schrijven om draait. Mijn moeder had inmiddels al een operatie voor staar ondergaan bij Mevr. ******* en het was tijd voor oog nummer 2. Omdat mijn moeder zware bekkeninstabiliteit had, kreeg mijn moeder een algehele narcose toegediend. Hier ging het mis. Ik zat die dag rustig met mijn broertje in de cafetaria (want normaal mocht ze na een paar uurtjes weer naar huis) een broodje te eten toen de telefoon ging. Het was de assistente van de dagbehandeling. De vraag was of we direct naar de IC wou komen, ik kreeg telefonisch een instructie waar ik heen moest en we begon dus te lopen. Mijn hart zat in mijn keel.

Ik begon te rennen door het ziekenhuis naar de afdeling. Op de dag dat dit gebeurde was ik 19 jaar jong. Op dat moment woonde ik samen met mijn broertje van 15 thuis bij mijn moeder. Aangekomen op de IC werden we zonder enig woord gewisseld te hebben gedropt in een wachtkamertje, daar moesten we wachten tot de arts op de IC was aangekomen. De lamellen bij het raam stonden open. En toen gebeurde het. Mijn moeder werd langsgereden, mijn broertje begon direct te huilen. ‘Is mama dood?’, vroeg hij.

Ik gaf geen antwoord, want ik wist ook niks meer dan hij. Ik zag mijn moeder voor dood op een bed langsgereden worden. Wat was er aan de hand? Ik wist het niet. Na ongeveer een uur met mijn broertje in dat kleine grauwe kamertje gezeten te hebben, kwam er eindelijk een arts vertellen wat er gebeurd was. Volgens deze arts had mama een hartstilstand gehad tijdens het toedienen van de narcose, maar ging het nu wel weer wat beter met haar. We mochten naar mama toe.

De volgende dag kwamen we weer naar het ziekenhuis toe, want mama moest natuurlijk blijven. Mama was weer vrolijk, ze zat rechtop in haar bed en lachte naar ons. Ze was oma geworden. Mijn zus had haar gesmst dat haar eerste kleinzoon was geboren. We hebben gezellig met mama gekletst en foto’s bekeken van mijn neefje. De volgende dag was mama overgeplaatst naar de afdeling Chirurgie.

Mama gaf aan dat ze bang was. Dat ze bang was dat ze op vrijdag naar huis zou worden gestuurd, zonder dat duidelijk is waarom ze een hartstilstand heeft gehad. Het was nog waar ook. Die vrijdag kreeg mama te horen dat ze naar huis moest, terwijl dat nog niet duidelijk was waarom ze een hartstilstand had gekregen tijdens het toedienen van de narcose. SCHANDALIG, niet?

Tot op de dag van vandaag vraag ik mijzelf af waarom men een fief gezonde vrouw laat gaan na een hartstilstand, zonder uitvoerig onderzoek. De dagen erop hebben wij veel contact gehad met het Vlietland Ziekenhuis, en aangegeven dat we nader onderzoek willen. Bij gods gratie hebben wij toen een doorverwijzing ontvangen naar de afdeling Cardiologie, zo kwam Dhr. ******* in beeld. 

Op consult bij Dhr. ******* heeft mama verschillende echo’s en dergelijke laten maken. Hierop bleek al snel dat er iets was, er werd gesuggereerd dat er een beschadigingetje te zien zou zijn op het hart. In een latere echo/hartfilmpje bleek dat het hier waarschijnlijke om Pulmonale Hypertensie zou gaan. Zo leek als dat moeder en ik waren, vroegen wij wat Pulmonale Hypertensie is. We kregen een kinderlijke uitleg bijgestaan door een hart gemaakt van plastic. Dhr. ******* vertelde over de hogere bloeddruk in de hartkamers. En gaf een korte maar krachtige uitleg van de ziekte Pulmonale Hypertensie.

Thuis ging mama logischerwijs nog verder op zoek naar informatie op Google. Hier kwam zij terecht op de website van het VUMC. Op deze website las zij dat ze zonder goede behandeling binnen 3 jaar zou overlijden. Ook las ze hier over de zeldzaamheid van de ziekte Pulmonale Hypertensie en wat het doet qua afbraak van andere organen. Tijdens het volgende consult bij Dhr. ******* heeft mijn moeder dit aangekaart bij Dhr. *******. Deze gaf aan dat volgens zijn zienswijze de informatie te groot opgeblazen is, en dat het nog helemaal niet zeker is dat mijn moeder aan Pulmonale Hypertensie zou lijden. Ook was het volgens hem niet zo dat iemand per definitie komt te overlijden bij Pulmonale Hypertensie. 

Er volgende een doorverwijzing naar de longarts, Mevr. *******. Dit om uit te laten zoeken hoe ver het stadium was, en om volledig zeker te weten of het hier om Pulmonale Hypertensie gaat. Bij Mevr. ******* heeft mijn moeder een slaapregistratie ondergaan voor slaapapneu, en heeft zij meermaals blaastesten en bloedafnames ondergaan.

Tijdens de onderzoeken door is haar verzocht door Dhr. ******* om een longcat irisatie en een blinde darm echo te ondergaan. Dit heeft mijn moeder in eerste instantie afgehouden en heeft zij ook aangegeven dit niet te durven zonder algehele narcose. Echte zou zij niet meer in aanmerking komen voor een algehele narcose door haar eerder ervaren hartstilstand. Er werd verteld dat het niet zo eng was, dat het allemaal wel mee zou vallen. Dat je eventjes het gevoel hebt niet te kunnen ademen, maar dat het daarna weer allemaal verder gaat. Mijn moeder heeft na deze uitleg en afwijzing geen afspraak meer gemaakt voor een vervolg van de onderzoeken. Ook vanuit het Vlietland Ziekenhuis bleef het stil.

Voor de lezer die niet weet wat Pulmonale Hypertensie is heb ik onderstaande gekopieerd vanaf de website van het Longfonds.

Pulmonale arteriële hypertensie (PAH) is een zeldzame, chronische longziekte. De druk in de bloedvaten in de longen is bij deze ziekte te hoog, met vervelende gevolgen.

In alle bloedvaten van ons lichaam heerst een bepaalde druk, dus ook in de bloedvaten in de longen. Daar is de gemiddelde druk zo’n 14 millimeter kwik (mm Hg). Als u pulmonale arteriële hypertensie heeft, zijn de vaten in uw longen vernauwd. Dit kan komen door verschillende ‘foutjes’ in de bekleding van de vaten (bijvoorbeeld spierweefsel of bindweefsel in de vaten dat zich vermenigvuldigt) of beschadigingen van die bekleding (bijvoorbeeld door ontstekingen). Door de vernauwing in de bloedvaten neemt de druk sterk toe: het bloed moet immers door een smallere doorgang. Die verhoogde druk kan oplopen tot meer dan 25 mmHg in rust en meer dan 30 mmHg bij lichamelijke inspanning.

Rechter hartkamer

Als de pulmonale arteriële hypertensie al een tijdje bestaat, is dat gevaarlijk voor het hart. Het hart krijgt namelijk steeds meer moeite om het bloed door de vaten in de longen te pompen. Omdat de rechterkamer van het hart het deel is dat bloed aan de longen levert, is het de rechter hartkamer die bij pulmonale arteriële hypertensie beschadigd raakt. De kamer wordt dan wijder, waardoor het hart minder krachtig kan pompen.

Gewone bloeddruk

Omdat de rechter hartkamer tegen de linkerkamer ligt, komt door het uitzetten van die rechterkamer ook de linker in de problemen. De linkerkamer pompt het bloed door ons lichaam. Kan deze kamer minder bloed rondsturen omdat de rechterkamer erop drukt, dan daalt de gewone bloeddruk in onze vaten. Dat kan flauwvallen en andere gezondheidsproblemen veroorzaken. Zo zijn mensen met pulmonale arteriële hypertensie vaak erg moe en snel buiten adem.

In Nederland hebben zo’n 800 mensen de diagnose pulmonale arteriële hypertensie. Elk jaar komen daar rond de dertig nieuwe patiënten bij. Pulmonale arteriële hypertensie is een ongeneeslijke ziekte, die in verschillende vormen voorkomt.

Mijn moeder heeft tijdens haar behandeltraject binnen het Vlietland Ziekenhuis meermaals gevraagd om een indicatie om in aanmerking te komen voor de BIOS-groep. Dit omdat mijn moeder steeds slechter en slechter is gaan lopen en enorm snel achteruit ging. Mijn moeder leefde met mijn broertje en mij van een uitkering en moest dus elke afspraak duur met een taxi van de Vlaardingse Taxicentrale richting het ziekenhuis komen.

Om u een idee te geven, dit is ongeveer 60 euro heen en terug vanaf ons toenmalig woonadres. Dit is niet op te brengen als je 2 thuiswonende kinderen hebt, en zelf ook nog moet eten. Tijdens mijn klaagschrift wat later in deze brief nog zal worden beschreven, werd als verweer gegeven dat dit nooit gevraagd is en dat het nergens in het dossier terug te vinden is en dat het anders echt wel zou zijn afgegeven.

Weet u hoe het voelt als je voor leugenaar wordt uitgemaakt? Dat is niet fijn, en al helemaal niet als het over de dood van je bloedeigen moeder gaat. Bedenk uzelf even dat mijn moeder haar kinderen altijd voorop stelde, zelfs voor haar eigen gezondheid. Bedenkt u zelf eens dat mijn moeder het doel had alles alsnog te laten plaatsvinden ondanks haar angsten en dat zij daarvoor aan het sparen was.

Naast het feit dat zij meermaals vroeg om een indicatie voor de BIOS-groep heeft zij ook meermaals verzocht om een verwijzing naar het Erasmus MC. Omdat zij daar meer vertrouwen in had, door de grote naam. En mede omdat zij het idee had niet gehoord te worden in het Vlietland Ziekenhuis. Ook dit verzoek is nooit in behandeling genomen, want zoals zij altijd kreeg te horen: kan een doorverwijzing pas als alle onderzoeken zijn afgerond. Dit laat mij wederom zien dat er niet naar een patiënt zijn/haar wensen geluisterd wordt, en dat er enkel gedacht wordt in het belang van het ziekenhuis.

Er is tijdens het klachten traject ook gezegd dat niemand wist dat mijn moeder aan het aftakelen was. Ik heb voor u 6 foto’s bijgevoegd. 2 waarop men duidelijk kan zien dat mijn moeder niet gezond was, 2 van haar uitvaart, 2 uit het Erasmus MC en 1 foto waar mijn moeder nog wel gezond was. Tevens wijs ik op het feit dat mijn moeder altijd met mij samen naar het ziekenhuis kwam, omdat zij niet meer zelfstandig kon lopen. Ze liep altijd aan mijn arm. 

19 juni 2014, de dag die ik nooit zal vergeten. Ik was die dag aan het werk in het callcenter waar ik al jaar en dag werkte. We hadden agent week, een week waarin de medewerker centraal staat. Ik stond buiten met mijn collega te roken toen ik een smsje van mijn moeder kreeg met de tekst ‘Het voelt alsof er een olifant op mijn borst is gaan zitten’. Ik wist direct dat het niet goed was, want mama smste mij nooit als ik aan het werk was. Ik heb direct de huisarts gebeld die direct een ambulance heeft ingeschakeld. Ik ben direct van mijn werk richting Schiedam gegaan richting de Spoedeisende Hulp. 

Aangekomen in het ziekenhuis trof ik mijn moeder vrijwel levenloos aan. Ze lag heel slap in een bed en al snel bleek dat het goed mis was. Er werd gerend rondom haar bed, en er werd totaal geen informatie aan mij verstrekt. Op een gegeven moment kreeg ik te horen dat ik mee moest lopen, en dat we naar de IC gingen. Daar renden we dan. Met zijn allen door het ziekenhuis. Aangekomen op de IC, zag ik hoe de verpleegkundigen mijn moeder aan het uitkleden waren in rap tempo en hoe ze aan allerlei snoeren werd gehangen.

Al snel bleek dat het Vlietland Ziekenhuis niks meer kon betekenen. Rond 23.00 uur werd mijn moeder dan ook overgeplaatst naar het Erasmus MC te Rotterdam. Aangekomen in het Erasmus MC gaf de dienstdoende arts direct aan met zijn handen in het haar te zitten. Hij zei letterlijk: ’Met deze waardes hoor je normaal niet meer te leven.’ De week die daarop volgde hebben deze dokter en zijn team hun uiterste best gedaan om tot een behandeling te komen. Dag in dag uit kreeg ik uitgebreide verslagen van hoe het ging met de onderzoeken en waar ze nog mee bezig waren. Hoe verder we kwamen, hoe beter het leek te gaan.

Eventjes werd er zelfs gesproken over een eventuele overplaatsing naar een verzorgingstehuis. Ik heb het daar ook uitgebreid met mijn moeder nog over gehad. Tot die ene dag. De bewuste dag, 27 juni 2014. De dag die mijn leven veranderde. Ik kwam overdag op bezoek en kreeg te horen dat mijn moeder in een coma had gelegen, dit vertelde zij zelf helemaal in tranen. Later van de arts begreep ik dat dit wel vaker kan gebeuren door de zware medicatie die mijn moeder ontving.

Na het gesprek met de artsen waarin ze mij weer helemaal bijkletsen, vertrok ik naar huis omdat mijn moeder enorm moe overkwam. Net vertrokken uit het ziekenhuis werd ik gebeld door de assistentes of ik direct wilde omkeren. Mama lag wederom in een coma en kwam er dit keer niet meer uit, ook daalde de zuurstof en de bloeddruk. Aangekomen in het ziekenhuis zag ik mijn moeder letterlijk vechten tegen de dood.

Toen de artsen mij apart riepen, wist ik hoe laat het was. Ik werd apart in een kamer genomen en kreeg de moeilijkste keus in mijn leven, ik moest beslissen over leven en dood. Toen ik aangaf dat ik dat wilde overleggen met mijn familie, en daarom even naar buiten wilde. Kwam ik in de kamer van mijn moeder terecht waar inmiddels haar laatste minuut was begonnen. Ze snakte naar lucht. Als een vis op het droge.

Ik greep haar hand, en zei ‘ga maar, het is goed zo, rust maar’. Op dat moment klonk de hartmonitor. Het was voorbij. De tranen vloeide, en vloeien nog steeds als ik terugdenk aan dit moment. Het eerste wat in mijn hoofd opkwam was: ‘waarom heeft niemand mama geholpen, waarom heeft niemand mijn mama beter gemaakt.’

In het voorjaar van 2015 heb ik een klaagschrift bij de klachtencommissie van het Vlietland Ziekenhuis ingediend. In dit klaagschrift heb ik door mijn toenmalig partner een aantal punten laten oplichten zoals ik die ervaren heb tijdens de behandelingen van mijn moeder. Wat compacter dan in deze brief, maar zeker niet minder onderbouwd. En naar mijn idee ook niet minder belangrijk dat het correct zou moeten worden opgepakt. 

Naar aanleiding van dit klaagschrift werd ik benaderd door mevrouw *******, cliëntvertrouwenspersoon. Door haar werd een vraag gesteld die mij tot op het bot gekrenkt heeft, de vraag ‘wat wilt u hier mee bereiken?’. Wat is dit voor vraag? Wat wil je er mee suggereren? Ik wil rechtvaardigheid voor mijn moeders overlijden, ik wil de waarheid en niks meer of minder dan dat. Tenminste. Dat wou ik.

Door mevrouw ******* werd al direct verteld dat wat mijn doel was, de waarheid en een eventuele vergoeding voor een urn dat dat niet ging gebeuren. Er werd voorgesteld om met de artsen om de tafel te gaan zitten, om te kijken of dat meer duidelijkheid zou bieden. Ik heb akkoord gegeven voor dit gesprek. Enkele weken later volgde er dan inderdaad een gesprek met Dhr. ******* en Dhr. *******.

Dit gesprek verliep totaal niet zoals ik had gehoopt. Hier zijn zelfs opmerkingen gemaakt die erop kunnen duiden dat mijn moeder volledig zelf verantwoordelijk is voor haar dood. Het gesprek verliep naar mijn idee vol minachting en vol disrespect. Het was een gesprek waar ik van hoopte dat het mij meer duidelijkheid en eerlijkheid zou bieden omtrent de situatie. Maar in plaats van meer duidelijkheid, heeft dit gesprek er enkel en alleen voor gezorgd dat ik mij rotter ben gaan voelen dan ook.

Ik had na dit gesprek het idee dat het allemaal aan mij lag. Dat ik de situatie in een verkeerd daglicht zag. Dat ik zelf hulp nodig had. Dat ik de situatie overdreef en dat ik de dood van mijn moeder maar gewoon naast mij neer moest leggen. Mede door deze gedachten ging ik mijzelf steeds rotter voelen en had ik zelfs momenten waarin ik het leven zelf niet meer zag zitten. Ik heb daarop hulp ingeroepen van een Psycholoog binnen de organisatie PsyQ.

Hier werd al snel duidelijk dat ik de zaken wel degelijk goed op een rijtje heb. Dat ik een standvastig persoon ben, die strijd voor rechtvaardigheid. En dat ik vooral in mezelf moet blijven geloven. Wel kwam er uit dat ik mijzelf enorm vaak eenzaam voel, maar dat is meer dan logisch als je op je 20e volledig wees bent, en er niemand in dit land is die je helpt om je leven op de rit te krijgen. Als je er volledig alleen voor staat.

Van de een op andere dag. Na het gesprek zei mevrouw ******* er van uit te gaan dat het zo was afgehandeld. Ik heb haar toen vol verbazing aangekeken en aangegeven dat dit absoluut niet het geval is. Ze adviseerde mij er een nachtje over te slapen. Zo gezegd, zo gedaan. De volgende dag heb ik een mail vol woede gestuurd richting mevrouw ******* waaruit bleek dat de klacht gehandhaafd zou blijven.

Tijdens het gesprek dat ik zojuist beschreef verbaasde ik mij vooral al aan het begin van de opmerking die ik kreeg van mevrouw *******. Zij vroeg mij namelijk te stoppen met Twitter over dit verhaal. Ik heb haar toen ook aangegeven dat ik dit zeker blijf doen. Ik leef in een vrij land, waarin ik dit soort dingen mag en zal blijven delen met de mensen die mij lief zijn.

Bijna een jaar na het indienen van de klacht volgde er eindelijk een hoorzitting. Tijdens deze hoorzitting had ik mijn toenmalig beste vriendin Rebecca bij mij ter steun. Tijdens deze hoorzitting zijn alle punten doorgelicht door een naar mijn mening niet volledig onafhankelijke klachtencommissie zoals eerder wel was toegezegd. Ook waren dit niet de zogenoemde beroeps artsen die eerder waren toegezegd. Het ging hier om een klinisch psycholoog en een huisarts.

U kunt uzelf misschien voorstellen dat ik mij in deze niet erg serieus genomen voelde na hoe er al een jaar werd omgegaan met mijn klaagschrift. Tijdens de uitspraak – zie bijlage – die later volgde sprongen de tranen in mijn ogen toen ik deze ter ogen kreeg. Vrijwel alles werd afgewezen op basis van een dossier waar alles niet schijnt in te staan. Alles werd afgedaan alsof het niet was gebeurd. Behalve 2 puntjes.

Een van de punten was dat de informatieplicht door de artsen niet correct is nagekomen en dat daardoor een geringe kans gemist is. Tevens valt te lezen dat er een beter vangnet moet komen voor patiënten die zoals mijn moeder erg ziek zijn. Mag ik u er op wijzen, dat de zorgplicht en de informatieplicht 2 essentiële plichten zijn binnen een ziekenhuis? De reactie van de Raad van Bestuur die later volgde sloeg alles.

1 A4’tje met een condoleance en dat ze in beraad gaan. Zou u uzelf serieus genomen voelen als u al een jaar bezig bent u stem te laten horen, en het met een reactie als deze wordt afgedaan? Tevens staat in deze brief de achternaam van mijn moeder verkeerd geschreven. Zeer slordig. Ter herinnering heb ik de reactie bijgevoegd in deze brief in de bijlagen. 

Wat mij tevens nog verbaasde is het feit dat er in de uitspraak van de klachtencommissie een punt zonder goede onderbouwing werd afgewezen. Het gaat hier om het punt waar ik in aangeef dat ik het vreemd vind dat Dhr. ******* is doorgegaan met de behandeling met Metformine doen er nierafwijkingen zichtbaar waren op de bloeduitslagen, en daar ook verder nooit adequaat mee is omgegaan. Dhr. ******* gaf hier als reden aan dat hij dacht dat mijn moeder griep had, en dat hij haar daarna niet meer gezien heeft. Is dit hoe er wordt omgegaan met mensen die en een verdenkinking hebben van Pulmonale Hypertensie, en lijden aan ouderdomsdiabetes? Om u een idee te geven. De officiele doodsoorzaak die het Erasmus MC heeft meegegeven is: nierfalen met als gevolg Pulmonale Hypertensie. 

Toen mijn moeder werd overgeplaatst van het Vlietland Ziekenhuis naar het Erasmus MC, heeft mijn toenmalig huisarts een brief gekregen met dat mijn moeder ontslagen was uit het ziekenhuis. Hij belde mij vol schrik op, met dat hij hier achteraan zou gaan. Mijn verslagenheid zal u begrijpen. Mijn moeder was niet ontslagen, ik had de dag ervoor te horen gekregen dat ze spoedig zal komen te overlijden. Het punt in de klachtenbrief hierover is afgewezen, omdat er na de foutieve brief een correcte brief is gestuurd. HOE DAN? Hoe laat je eerst een foutieve brief wegsturen, en schuil je je daarna achter een nagestuurde correcte variant? Ieder maakt fouten, de een alleen veel groter dan de ander. Dat blijkt.

Ook klaagde mijn moeder meermaals over dikke pijnlijke voeten bij zowel Dhr. ******* als Dhr. *******. Hier is verder nooit onderzoek naar geweest, omdat mijn moeder aangaf dat ‘Solidago’ van Dr. Vogel goed werkte om het te laten afnemen. Meenemend dat mijn moeder dus waarschijnlijk al langere tijd leed aan nierfalen, en in combinatie meenemend dat Dhr. ******* zelfs afwijkende waardes in bezit had. Vind ik het enorm schrikbarend dat hier nooit op is ingespeeld. In de week van het overlijden, mocht mijn moeder nauwelijks drinken. Dit kwam door vochtophopingen in haar: buik, benen, en achter de longen. Als gevolg van desfunctionerende nieren. 

Heeft u enig idee hoe het is om te leven met de gedachten dat de mensen die er voor zijn opgeleid om iemand te genezen, iemand te redden, iemand te beschermen tegen ziektes. In jouw optiek niet goed hun werk hebben verricht. Als je elke dag moet leven met de gedachten dat je moeder niet eens wist dat ze dood zou gaan. Dat ze niet het uiterste uit het leven heeft kunnen halen. Dat ze onnodig veel pijn geleden heeft. Elke dag nog zie ik dat moment, dat moment dat mijn moeder stikte voor mijn ogen. Dat moment waarop ik de grootste heldin in mijn leven verloor. Dat moment dat ik mijn mamsie verloor.

Om u even een beeld te schetsen over wat voor een leven ik momenteel lijdt sinds het overlijden van mijn moeder, zal ik u het volgende vertellen. Sinds het overlijden van mijn moeder werk ik een schuld weg van circa EUR10.000. Deze schuld is ontstaan door alle kosten die ik heb moeten maken toen ik keer op keer naar het ziekenhuis moest komen, door een huis dat ik moest inrichten, door een crematie die betaald werd.

Tot op de dag van vandaag hoop ik dagelijks een loterij te winnen, zodat mijn moeder eindelijk uit die enorm vreselijke urn kan en richting een mooie urn kan. Want dat verdiend ze. Tot de dag van vandaag ben ik in 2 jaar tijd 6 keer verhuisd, en heb ik inmiddels gebroken met heel mijn familie. Want ja, soms groei je naar elkaar toe en soms groei je van elkaar vandaan. Ik leef met niks meer dan een urn en foto’s van mijn moeder, want de erfenis heb ik moeten afwijzen mede door schulden ontstaan door duur taxivervoer. En tot op de dag van vandaag hoop ik op een telefoontje of een brief van het Vlietland Ziekenhuis met een excuus. Een oprechte reactie. Een brief waaruit blijkt dat mijn moeder niet alleen een inkomstenbron was, maar ook mens.

Het ergste is misschien nog wel dat ik inmiddels 8 pogingen gedaan heb om het dossier van mijn moeder op te vragen. En dat ik het dossier nog steeds niet in mijn bezit heb. Ondanks dat het klaarblijkelijk niet alles weerspiegelt wat er gebeurd is. Lijkt het mij, mijn goed recht. Ik krijg meermaals te horen dat de aanvragen niet binnen zijn gekomen enzovoorts.

Om u een idee te geven, 3 van de 8 keer heb ik de aanvraag persoonlijk in het ziekenhuis afgegeven. Inmiddels heb ik het dossier van het Erasmus MC al zeker 2 jaar in mijn bezit. Ook verbaasde ik mij erover dat ik melding kreeg van het Erasmus MC dat tijdens de klachtenprocedure geprobeerd is het dossier op te vragen bij hun ziekenhuis door het Vlietland Ziekenhuis, terwijl dat ik dit expliciet verboden heb. Dat is een actie vol disrespect.

Ik houd tot op de dag van vandaag het Vlietland Ziekenhuis verantwoordelijk voor de dood van mijn moeder. De dood van een vrouw die vol in het leven stond. De dood van een vrouw die pas 53! jaar oud was. Als het Vlietland Ziekenhuis adequaat mijn moeder had geïnformeerd, en op zijn minst gebeld had. Had mijn moeder naar alle zekerheid nu nog geleefd. Want zoals de gouden regel voorschrijft. Hoe eerder men start met een behandeling, hoe groter de kans dat men het overleefd. 

Ik had de vechtlust om de vechten. Het doel het ziekenhuis kapot te maken. De eerste gesprekken waren zelfs al gevoerd met de advocaat, de papieren moesten enkel nog getekend worden. Maar weet je wat? Zo ben ik niet.

Ik ben een mens. Ik heb gevoel. Ik heb empathie.

sharingcaring.pngIk maak mensen hun leven niet kapot. Ik schrijf u daarom ook deze brief, omdat ik door wil met leven. Ik wil mijzelf weer mens voelen. Ik wil mijn moeder trots maken op hoe ik leef als mens. Ik wil boeken voor mijzelf sluiten. Maar ik heb al 3 jaar het gevoel dat dit pas kan als ik de waarheid weet. Echter na 3 jaar is het voor mij duidelijk dat ik die waarheid waarschijnlijk nooit zal krijgen. Wat enorm spijtig is. Deze brief is dan ook mijn laatste poging om een beetje empathie te behalen. 

Middels deze brief verzoek ik de Raad van Bestuur elk punt in deze brief in beraad te nemen. Om te kijken naar een schadevergoeding voor de door mij geleden schaden. Om er naar te kijken hoe het Vlietland Ziekenhuis mij kan helpen om weer te kunnen genieten van mijn leven, zonder dat ik nog elke dag wordt herinnerd aan de vreselijke dood van mijn moeder.

Ik hoop oprecht dat u een traan heeft gelaten bij het lezen van deze brief. Of op zijn minst kippenvel heeft gekregen. Ik hoop dat ik met deze brief bij uw persoonlijke ziel heb kunnen binnendringen, en niet bij uw zakelijke ziel. En ik hoop oprecht dat u de moeite neemt om deze brief te behandelen binnen uw ziekenhuis. 

En ik hoop oprecht dat u dit keer mij niet ziet als een labiel persoon, maar als een zoon die zijn moeder mist. Als een mens die vecht tegen het onrecht dat zijn moeder is aangedaan.

Met vriendelijke groet,

Kevin Erken (@kevinerken)

 

In Memoriam…

Screen Shot 2017-08-25 at 16.25.15

sharingcaring

%d bloggers liken dit: